Blogs

Aflevering 50 … dan en slechts dan …

Foto en bewerking: Susan Hol.

De frase … dan en slechts dan … in de definitie (zie aflevering 49) wordt bijna altijd in filosofische definities gebruikt. Het komt uit de logica (en wiskunde). Eigenlijk betekent het niets meer dan: als A waar is, is B ook waar, of: als A onwaar is, is B ook onwaar.

Dus X kan alléén een kunstwerk op tijdstip t zijn als …

En dan het hele verhaal dat erachteraan komt in de definitie (zie aflevering 49).

Ik pak nog een paar stukjes uit die de definitie. Er staat … die over X het toegeëigende eigendomsrecht hebben 

Huh?

Nou, schrijft Levinson, pas als je eigenaar bent van het object, kun je het tot kunst maken. Het maakt dan niet uit of je dat object zelf gemaakt hebt, hebt gevonden, of dat het om een conceptueel iets gaat. Ben je geen eigenaar van het object? Vergeet het dan maar. Welke intenties je ook mag hebben met het object, de intenties van de eigenaar van het object zijn belangrijker dan die van jou als niet-eigenaar.

Maar kun je wel eigendomsrecht hebben over conceptuele kunst, waarbij het idee erg belangrijk is en het object zelf er veel minder toe doet? Fountainbijvoorbeeld. Jawel, dat kan, volgens Levinson, maar alleen als er sprake is van een samengesteld geheel: idee (met beschrijving) + object. Als een van de twee ontbreekt, dus als de conceptuele kunstenaar iets beschrijft (bijvoorbeeld een drol op een plankje) óf aanwijst (bijvoorbeeld zeggen dat Marilyn Monroe een kunstwerk is), dan heeft hij geen eigendomsrecht.

… bedoelen (of bedoeld hebben) … wat zou Levinson daarmee bedoelen?

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk.

Advertenties

Aflevering 49 X is een kunstwerk op tijdstip t

Foto Susan Hol, New York, 2012 en Chaugey 2013.

Na die geweldige vimeo van aflevering 48 met kunstenaar Lily van der Stokker, nu even terug naar de vraag uit aflevering 46:

Hoe leg je nou als maker van kunst enig verband tussen huidige en vroegere kunst?

Er zijn 3 mogelijkheden volgens Jerrold Levinson (in: Defining Art Historically, 1990):

  1. Je maakt iets dat qua uiterlijk lijkt op eerdere kunstwerken (zie aflevering 46).
  2. Je maakt iets met de bedoeling hetzelfde genoegen/dezelfde ervaring te verschaffen als eerdere kunstwerken (zie aflevering 47).
  3. Je maakt iets dat bedoeld is om te beschouwen/behandelen zoals eerdere kunstwerken zijn beschouwd/behandeld.

Beetje vaag wel, die mogelijkheid 3. Toch komt hij naar aanleiding hiervan met de zogenaamde ‘dan-en-slechts-dan’-definitie die filosofen zo graag gebruiken en die ik trouwens ook behoorlijk vaag vind meestal. Maar goed, ik zal die definitie hier opschrijven en daarna de toelichting erop van Levinson geven. Komt-ie:

X is een kunstwerk op tijdstip t, dan en slechts dan X een object is waarvan het op tijdstip t waar is dat een of meerdere personen, die over X het toegeëigende eigendomsrecht hebben, blijvend bedoelen (of bedoeld hebben) om X te beschouwen-als-een-kunstwerk, dat wil zeggen op enige manier (of manieren) beschouwen waarop objecten eerder als kunstwerken correct (of standaard) zijn of werden beschouwd.

Bent u daar nog? Ik ga die definitie maar eens in mootjes hakken.

X is een kunstwerk – bijvoorbeeld Fountain, of de performance van Abramović op het ‘bed’ met kaarsen (zie aflevering 2) – op tijdstip t… – bijvoorbeeld gisteren, vandaag, morgen, vorig jaar, vorige eeuw, ofwel op een bepaald moment in de tijd. Of iets een kunstwerk is op een bepaald moment in de tijd, valt niet altijd samen met het moment van maken. Zo was Fountain in ieder geval geen kunstwerk toen het urinoir van de loopband in de fabriek rolde. En de voorwerpen die Abramović gebruikte bij haar performance, een ijzeren frame en brandende kaarsen, waren op zichzelf ook geen kunstwerk.

… dan en slechts dan…

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk.

Aflevering 48 Bloemen, wolken, krullen en guirlandes

Trouwe lezerTs, jullie krijgen even vrijaf van ingewikkelde tekst!

De vimeo in dit bericht past heel goed tussen afleveringen over de historische definitie van kunst.

Lily van der Stokker, kunstenaar, vertelt over hoe ze tot haar werk gekomen is, onder andere door heel goed de geschiedenis van de kunst te kennen. De vimeo is Nederlands gesproken en Engels ondertiteld.

Ze heeft tot en met 24 februari 2019 een tentoonstelling in het Stedelijk Museum Amsterdam. Te zien is een overzicht van haar oeuvre met tekeningen en muurschilderingen van de late jaren tachtig tot nu.

Veel plezier!

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk.

Aflevering 47 Genoegens/ervaringen die je kunt beleven door kunst

Puh Zwaartekracht, Susan Hol. Dit werk was ook te zien op de expo in Chaugey, 18-21 augustus 2017

Waarom is de tweede mogelijkheid om verband te leggen tussen huidige en vroegere kunst (zie aflevering 45) niet voldoende? Als je iets maakt met de bedoeling hetzelfde genoegen/dezelfde ervaring te verschaffen als eerdere kunstwerken, dan kleven daar twee bezwaren aan, schrijft Levinson in Defining Art Historically, 1990 (zie ook afleveringen 41, 44, 45)

Ten eerste zijn de genoegens/ervaringen die je kunt beleven door kunst niet uniek voor kunst, schrijft hij.

Dit klinkt een beetje vaag. Is dat wel zo? Hangt het niet heel erg af van het soort genoegens/ervaringen? Als ik warme gevoelens krijg bij een gedicht, zijn dat dan dezelfde warme gevoelens die ik krijg als ik bijvoorbeeld mijn dochter zie? Of moet het gedicht dan over moeders en dochters gaan om over dezelfde soort warme gevoelens te kunnen spreken? En als ik de performance van Abramović erbij haal, die op het bed met kaarsen (zie afleveringen 1, 2, 3), is dan het gevoel van afschuw dat het bij mij oproept vergelijkbaar met iets buiten de kunsten? Ja dus, bedenk ik me, en ik gaf zelf het voorbeeld, want ik schreef in aflevering 1: ‘… bij deze glanzende foto vertrok mijn gezicht in de grimas van afschuw. Zo’n gezicht dat je trekt bij het zien van zielige hondenfilmpjes waarin een uitgemergelde mishandelde hond de hoofdrol speelt, of als je een foto tegenkomt van een jager die trots poseert bij een afgeslachte olifant (tenminste, als je tegen de olifantenjacht bent).’

Het tweede bezwaar van Levinson bij een nadruk op het verschaffen van genoegens/ervaringen door kunstwerken is dat dan iets kunst is door a) de manier waarop het kunstwerk genoegens/ervaringen geeft en b) de manieren waarop iemand zich met het kunstwerk bezighoudt zodat hij deze genoegens/ervaringen krijgt. Stel dat het inderdaad alleen om genoegens/ervaringen gaat en je daarvoor een middel kunt nemen, bijvoorbeeld een middel dat je dezelfde genoegens/ervaringen geeft als het luisteren naar je favoriete muziek (Levinson geeft Beethoven als voorbeeld, dat heeft blijkbaar zijn voorkeur), dan is dat middel geen kunstwerk (wél handig misschien om bij de hand te hebben 😉 )

Kortom, deze tweede mogelijkheid om een verband te leggen tussen huidige en vroegere kunst – dat je iets maakt met de bedoeling hetzelfde genoegen/dezelfde ervaring te verschaffen als eerdere kunstwerken – voldoet niet.

Maar Levinson heeft nog een derde mogelijkheid.

Aflevering 46 Enig verband tussen huidige en vroegere kunst

Sculptuur of schroothoop? Foto: Susan Hol.

Een kunstbewuste maker van kunst plaatst geen urinoir op een sokkel! Toch? Of wel?

Eens kijken wat de filosoof Jerrold Levinson hierover te melden heeft (in: Defining Art Historically, 1990; zie ook afleveringen 41, 44, 45). Levinson is van de historische verbanden, dus als je een urinoir op een sokkel plaatst, hoe leg je dan verband met vroegere kunst? Of om het eerst wat algemener te stellen:

Hoe leg je nou als maker van kunst enig verband tussen huidige en vroegere kunst?

Levinson noemt drie mogelijkheden. De eerste mogelijkheid is dat je iets maakt dat qua uiterlijk lijkt op eerdere kunstwerken. Levinson noemt dit zelf al meteen ‘useless’. Hoezo is dat nutteloos?

Nou, schrijft hij, omdat vrijwel alles in zekere zin qua uiterlijk vergelijkbaar is met enig kunstwerk dat op enig moment in het verleden is gemaakt. Het zou een mogelijkheid kunnen zijn als je punten van overeenkomst in uiterlijke gelijkenis aangeeft, maar verder is dit niet echt de manier om een verband te leggen tussen huidige en vroegere kunst.

Bovendien, zo voegt Levinson toe, zijn kunstwerken nauwelijks verbonden door uiterlijke gelijkenis. Neem nou gelaste ijzeren sculpturen, schrijft hij, die hebben meer weg van een schroothoop dan van sculpturen die eerder zijn gemaakt.

Een tweede mogelijkheid om verband te leggen tussen huidige en vroegere kunst is dat je iets maakt met de bedoeling hetzelfde genoegen/dezelfde ervaring te verschaffen als eerdere kunstwerken. Dat vindt Levinson zelf een veelbelovend voorstel, maar het schiet tekort.

Hoezo dat dan?

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk.

Aflevering 45 Tot het uiterste doorgevoerde kunstgeschiedenis

Long long way, Susan Hol, 2012-2014.

Als je de, behoorlijk ingewikkelde, methode van Levinson (in: Defining Art Historically, 1990, zie aflevering 44, en ook 41) toepast, krijg je het feitelijke historisch proces van de kunstevolutie.

Ik stel me voor dat dit proces een tot het uiterste doorgevoerde kunstgeschiedenis is, waarbij je niets overslaat (dus ook geen werk van vrouwelijke kunstenaars, voeg ik er nog even volledigheidshalve aan toe) en terugkijkt tot … ja, tot waar? ? De eerste grottekeningen? Nog verder terug? Dat weet Levinson dus ook niet. Waarmee hij maar wil aangeven hoe omvangrijk het concept kunst eigenlijk is.

Voor kunstbewuste makers van kunst is het maken van kunst een bewuste handeling die een idee over kunst met zich meebrengt. Welk idee over kunst kunnen deze makers hebben?

Met ‘deze makers’ bedoelt Levinson niet alleen de makers van kunst die hij uit eigen ervaring en omgeving kent. Hij heeft het over kunstenaars uit verschillende tijden en plaatsen.

Het idee over kunst dat alle makers uit verschillende tijden en plaatsen kunnen hebben, moet volgens Levinson te maken hebben met een idee van kunst dat neerkomt op álles wat kunst is geweest tot nu toe. Het is wél een concreet begrip, voegt hij daaraan toe, maar het is géén abstract principe of een generalisatie die voortkomt uit onderzoek naar het kunstverleden.

En wat bedoelt Levinson hier dan met ‘begrip’? Vast niet zoiets als Kant bedoelde (zie aflevering 10). Vermoedelijk gaat het meer om ‘begrijpen’ en niet om een begrip zoals ‘kaars’.

Hoe maken kunstbewuste kunstmakers dan volgens Levinson kunst? Door hun werk te verbinden met een idee van kunst dat neerkomt op álles wat kunst is geweest tot nu toe. Als de activiteiten van makers geen enkele betrekking hebben op de grote hoeveelheid kunst die aan hen is voorafgegaan, zijn we volgens Levinson niet in staat te begrijpen met welke bedoeling zij bewust kunst voortbrengen.

Als je een urinoir op een sokkel in het museum plaatst, ben je dan een kunstbewuste maker van kunst? Of snappen we er niks van omdat de maker geen kunstbewustzijn heeft?

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk.

Aflevering 44 Kunstbewuste makers van kunst

Red, yellow and blue, Susan Hol, 2013-2017

Het is blijkbaar ingewikkeld om kunst te bespreken als het alleen om ideeën gaat, als er geen object is dat je kunt aanwijzen en waarvan je de uiterlijke kenmerken kunt aantonen.

De filosofische theorieën in de esthetica die ik ken, kunnen daar niets mee, met ideeënkunst, met objecten als schuursponsjes en urinoirs, met een gegraven en weer dichtgegooid gat in de grond, met zeven gesmolten sneeuwballen op een boomtak (zie ook aflevering 31). In kunsttheorieën is het toch altijd weer nodig om terug te grijpen op schilderijen en sculpturen, op termen als perspectief, kleurgebruik, de compositie en de juiste realistische weergave, of formaat, grootte, lijn, vorm, textuur en materialen, ofwel het object zélf.

Ik houd me trouwens aanbevolen voor kunsttheorieën van filosofen die wél uit de voeten kunnen met ideeënkunst, dus als je nog iets of iemand weet…

De filosoof Jerrold Levinson, die zei dat kunst altijd een relatie heeft met kunst uit het verleden, schreef over ‘kunstbewuste makers van kunst’ (in: Defining Art Historically, 1990, zie ook aflevering 41). Wat bedoelt hij daarmee?

Dat zit zo. Nieuwe kunst is volgens hem kunst vanwege haar relatie met het recente verleden, kunst uit het recente verleden is kunst vanwege haar relatie met kunst uit een verder verleden enzovoort, tot je uitkomt bij de oerkunsten.

Wat deze oerkunsten zijn weet niemand, aldus Levinson, maar er is wel een oplossing: je werkt gewoon steeds verder terug naar het verleden om te onderbouwen waarom iets als kunst kan worden beschouwd.

Ik denk dat hij zoiets bedoelt als indertijd gebeurde bij het werk van de impressionisten. Mensen zochten en vonden overeenkomsten tussen het werk van de impressionisten en die uit de artistieke traditie van de periode ervoor en konden het toen als kunstwerken zien in plaats van broddelwerk (zie aflevering 29).

Nadeel van deze ‘terugwerkmethode’: het vereist een enorme kennis over de intenties van de kunstenaar (werkt hij met zijn voorgangers in gedachten en zo ja welke en waarom die en geen andere en waarom maakt hij dan juist dat werk en niet iets anders … inderdaad, héél ingewikkeld) en je moet enorm veel weten over kunstwaardering in het verleden.

Pfffft. Maar dit gaat wel ergens heen…

De komende tijd zal ik in de vorm van een feuilleton de lezer meenemen in mijn zoektocht. De zoektocht naar wat? Iets met kunst, performance, Abramović, feminisme, esthetica, filosofie. Dat wordt in de loop van de tijd duidelijk.